De nacht zingt zijn eigen lied, van Het zuidelijk toneel
De nacht zingt zijn eigen lied, van Het zuidelijk toneel

Foto: Phile Deprez
tekst: Jon Fosse
regie: Olivier Provily
spel: Nanette Edens, Erik Whien, Cas Enklaar, José Kuijpers, Thomas Oerlemans
dramaturgie: Cecile Brommer
vormgeving: Edwin Kolpa
De carrière van regisseur Olivier Provily kende een bliksemstart nadat hij in 2001 afstudeerde aan de regieopleiding in Amsterdam. Met zijn Oorlogje won hij de Ton Lutzprijs, de prijs voor de meest veelbelovende afstuderende regiestudent. Nu, na krap vijf jaar tijd, is hij benoemd tot vaste regisseur en lid van de artistieke raad van Het zuidelijk toneel. Met De nacht zingt zijn eigen lied, regisseert hij zijn tweede voorstelling bij ZT en zijn derde Jon Fosse. Van de Noorse schrijver regisseerde hij eerder Winter en Een zomerdag.
In De nacht… is twaalf uur te zien uit het leven van een ontevreden jong echtpaar (Erik Whien en Nanette Edens). Hij is een mislukt schrijver waar zij zich aan irriteert. Niets lijkt goed te gaan. Als zijn ouders (Cas Enklaar en José Kuijpers) op bezoek komen om het baby’tje van het echtpaar te bekijken, gaat dat met de nodige spanning gepaard. Als zij uitgaat met een vriendin leidt dat in de nacht naar een noodlottig einde.
Allereerst lof voor de prachtige vormgeving door Edwin Kolpa. De wanden en het plafond maken een kleine, benauwende doos waar het verstikkende leven van de personages zich afspeelt. Het decor is letterlijk uitzichtloos, op het ene raam na. Het levert plaatjes op die doen denken aan de schilderijen van Edward Hopper in grijstinten. Sombere mensen die uit het raam staren, waarachter een beter leven zou moeten afspelen. Op de aanwezige klok tikt de tijd in ‘real time’ weg. Het sluit aan bij soms hyperrealistische tekst.
Fosse’s stuk is op het eerste gezicht simpel. De plotlijn is eenvoudig, de situatie en de onderlinge verhoudingen ook. De dialogen doen soms hyperrealistisch aan met vragen als ‘En wat heb jij vandaag gedaan?’. Tegelijkertijd is er veel herhaling, wat de tekst abstracter maakt. Maar als je goed oplet, is er in de tekst veel te ontdekken. Steeds zijn er subtiele haken die het hyperrealistische verbuigen. Vreemde antwoorden, vreemde vragen, vreemde uitdrukkingen; voor de zorgvuldige luisteraar is de tekst spannend.
Er is finesse in spel en regie voor nodig om zo’n tekst op het toneel te zetten. En helaas ontbreekt de finesse geheel in deze uitvoering.
De speelstijl doet een nieuwe interpretatie van Brecht vermoeden. Alles lijkt in het werk te zijn gesteld om duidelijk te maken dat de acteurs niet verbonden zijn met hun personages. Nanette Edens parkeert zichzelf in de ruimte, gaat op een been hangen waarmee ze zichzelf op slot zet en – ik kan het niet anders uitdrukken – dreunt haar tekst op. Iedere zin klinkt hetzelfde, alles heeft eenzelfde ritme en melodie. Bij de overige acteurs is het niet veel anders, al leidt Erik Wiehns ‘vastzetten’ tot een chronisch rood hoofd. Bij de acteur wel te verstaan, niet bij het personage, we zien de acteur persen. Alleen Cas Enklaar en José Kuijpers lijken beter met de gekozen speelstijl uit de voeten te kunnen. Zij weten een sfeer te maken die daadwerkelijk ongemakkelijk is.
In het hier en nu van de voorstelling gebeurt niets, het zijn alleen afspraken die herhaald worden. De acteurs lijken niet te beseffen wat ze zeggen en doen. Nanette Edens loopt zelfs bijna tegen een deur op, omdat ze naast de deurklink grijpt. Ze ziet niet wat ze nu doet, ze doorloopt wat ze al eerder deed. De speelstijl giet een dikke slome stroop over de tekst, die alle details vertroebelt. Het reduceert de personages tot irritante, inactieve, eendimensionale poppen.
Dynamiek, opbouw, energie, spelplezier, relativering en humor zijn afwezig in de regie van Provily. Waarom? De tekst is op zijn eigen manier rijk, muzikaal en biedt mogelijkheden tot humor. Welk verhaal heeft Provily willen vertellen? Welk effect moet de voorstelling hebben? Het is onduidelijk. Het tragische einde roept bij sommigen in de zaal een lach op, anderen in het publiek staren wat voor zich uit. Hoogstwaarschijnlijk naar de klok. De nacht zingt zijn eigen lied is vervelend artistiek gedoe om niets.
Op tournee t/m 20 mei 2006
Voor meer informatie: www.zuidelijktoneel.nl

